home verhalen dat is toch zielig
DAT IS TOCH ZIELIG, MENEER.
door Cees van Arkel.

Die uitdrukking krijg je nog wel eens te horen van grote mensen, maar vooral van kinderen, als je ze vertelt dat je met greyhounds aan de wedstijdsport kunt meedoen. Kinderen maken van hun hart geen moordkuil en noemen het vaak “dierenbeulen”. Er is dan heel wat overredingskracht nodig om dat vooroordeel te verzachten of liever, weg te nemen.

Wedstrijdhond

Als je van de greyhoundrensport niets afweet, is het niet zo gek, dat er wordt gereageerd, zoals in de inleiding wordt aangegeven. Niet iedere greyhound is geschikt voor de wedstrijdsport. Voordat een greyhound wedstrijdhond is, gaat daar heel veel aan vooraf. Een wedstrijdhond moet bepaalde kwaliteiten hebben om in de wedstrijd goed voor de dag te kunnen komen.

Enkele van die kwaliteiten en eigenschappen wil ik hier noemen. In deze wedstrijdsport gaat het altijd om snelheid. Die snelheid zit vooral in de genen van een functioneel en goed gebouwde greyhound. De functie is in de loop van de vele eeuwen wel enigszins veranderd, zeker als het gaat om de huidige wedstrijd-greyhound. Functioneel gebouwd heeft hier vooral te maken met: kan deze greyhound goed meekomen op onze wedstrijdbanen en niet zoals vroeger:   kan deze hond hoeken slaan en een haas of andere prooi belopen en pakken.

Naast de bouw en de snelheid speelt het karakter een belangrijke rol. Het mag hier vrij vertaald wel wedstrijdmentaliteit genoemd worden: wil de hond winnen, komt hij snel genoeg uit de starthokken, durft hij drie of vier dik met een snelheid van soms meer dan 60 km per uur de bocht in te gaan, pakt hij iedere kans om los te komen van de andere honden, is hij eerlijk in de strijd en heeft hij voldoende lucht om goed te finishen. En als ik hier hij zeg, kan daar ook zij mee bedoeld worden.

Als je eenmaal een pup hebt uitgezocht met de bedoeling er mee te gaan rennen, is er nog een lange weg te gaan. Een pup wordt niet geboren als renhond met rendek en renkorf. Nee, daar gaat veel oefening, geduld en inzicht aan vooraf. De pup moet gezond zijn en harmonieus opgroeien, liefst met broertjes en zusjes samen. Goede voeding, voldoende, juist gedoseerde beweging, maar ook de broodnodige rust zijn factoren, die in het eerste levensjaar een belangrijke rol spelen.

Naast die harmonieuze opgroei moet men ook aandacht schenken aan bepaalde jachtdriften van de greyhound. Die jachtdrift heeft hij nodig om goed te kunnen functioneren op de wedstrijdbaan. Die jachtdrift is bij de jonge hond in een soort sluimertoestand aanwezig.   Aan de baas de eer, om die jachtdrift wakker te maken.

Iedere keer weer

Ook is het goed de jonge hond eens mee te nemen naar de renbaan om hem naar het wedstrijdspel van zijn soortgenoten achter de prooi, te laten kijken. Al gauw blijkt de grote belangstelling van de jonge hond voor het spel. Toch is de tijd nog niet rijp om achter die kunstprooi aan te rennen. De jonge hond dient uitgegroeid te zijn om het “grote werk” lichamelijk, maar ook geestelijk aan te kunnen. Breng je de hond te vroeg op de baan, dan brengt dat risico’s voor de hond met zich mee. Verder moet de jonge hond aan het starthok wennen, angst daarvoor is niet bepaald bevorderlijk voor een goed wedstrijdverloop. De hond moet gewend zijn aan een rendek en een wedstrijdkorf tijdens de race. Die korf wordt gedragen uit preventieve overwegingen. Want rivaliteit speelt in iedere wedstrijdsport een rol, ook bij onze greyhounds. Die korf zorgt ervoor dat   de honden elkaar niet kunnen beschadigen. Een wedstrijd wordt het pas, als je hond met nog vijf andere greyhounds samenloopt, die allemaal willen winnen. En gaat die hond iedere keer weer achter die kunstprooi aan, vraagt men zich nogal eens af. Ja, iedere keer weer gaat hij achter de kunsthaas aan, zonder aarzeling of frustraties.

Als het zover is dat de greyhound een wedstrijdrondje of een gedeelte daarvan aankan, dan is er natuurlijk grote spanning bij hond en baas.

Een enkele keer komt het voor dat de hond geen interesse toont voor de kunsthaas. Dat is een teleurstelling voor de baas en jammer voor de hond. Maar daarom niet getreurd, de hond is er niet minder om.

Startlicentie

Op grond van de renreglementen moet de hond zijn kwaliteiten ook voor een officiële jury tonen. Als dat goed verloopt, geeft de jury een “verklaring goed rond” af. Hiermee kan via het verenigingssecretariaat een startlicentie worden aangevraagd. Daarvoor zijn verder nodig, de officiële stamboom en inentingsbewijzen. De startlicentie kan men beschouwen als een soort paspoort. Voor iedere wedstrijd moet het worden afgegeven en wordt het renresultaat daarin vermeld door de jury, in dit geval genoteerd door de wedstrijdsecretaris. Na afloop gaat de startlicentie weer mee naar huis. Onze greyhounds moeten voorts minimaal de leeftijd van 15 maanden hebben bereikt, alvorens aan de rennen te mogen deelnemen. Om aan een wedstrijd te kunnen meedoen, moet een week van tevoren worden ingeschreven. En een echte wedstrijdhond heeft men pas na de nodige wedstrijdervaring.

De greyhounds lopen maar een wedstijdrit per dag. Dat kan een sprintwedstijd zijn tot rond de 300 meter, of een middenafstandrace tot 500 meter. Soms lopen de honden tot ongeveer 700 meter, de lange afstand. Voor die lange afstand zijn maar weinig honden geschikt. De greyhound is van nature een sprinter.

Op een wedstrijddag is er altijd een dierenarts aanwezig. Deze keurt de honden heel grondig voor de wedstrijd. Daarbij let hij vooral op verborgen blessures, maar ook op algehele conditie van de hond. De dierenarts volgt ook de race van de hond en keurt hem na de race weer uit. Als de hond niet ongeschonden uit de race is gekomen, wordt dat op het juryrapport vermeld. Een volgende keer wordt deze hond extra goed bekeken door de dierenarts. Heeft de hond een blessure opgelopen, dan is het verstandig een bekwame fysiotherapeut met speciale belangstelling voor dieren op te zoeken. Want een huis- tuin- en keukendierenarts weet over ’t algemeen te weinig van renblessures bij greyhounds om een goede diagnose te kunnen stellen. En zonder diagnose geen adequate behandeling.

De eigenaar zorgt ervoor dat de hond goed uitgerust en voldoende gevoed aan de start verschijnt, loopt hem voor de race in ( warming-up ) en loopt hem na de race weer uit
( cooling-down ). De een masseert en poets aan zijn hond, de ander vindt dat niet nodig. Na iedere race worden de voeten en de rest van de hond goed verzorgd. Onze greyhounds lopen op zeer goed verzorgde zandbanen met enigszins opgehoogde bochten op vochtig gehouden zand. De uitslag wordt door fotofinish bepaald en de honden worden tijdens de race gadegeslagen door een driekoppige jury. De race moet eerlijk verlopen en de honden mogen elkaar niet hinderen.

Het kan voorkomen dat een hond geblesseerd raakt. Van de eigenaar wordt enige kennis van zaken verwacht om de aard van de blessure te kunnen vaststellen. De eigenaar moet er voor zorgen, dat de blessure, eventueel met behulp van de dierenarts, op de juiste wijze wordt behandeld. Na een blessure is het zaak niet te snel weer van start te gaan om erger te voorkomen. En eigenlijk is de greyhoundrensport best een moeilijke sport. Denk maar eens aan het probleem de juiste diagnose te stellen bij een blessure en welke geneeswijze past hier het best bij. Rust is altijd een goed begin bij een blessure, naast geduld.

Toch komen er weinig ernstige blessures voor, mede door de veilige renbanen, de goede conditie van de honden en het een-rit-per-dag systeem.

Wat is er nu zo leuk aan de greyhoundrensport? De spanning voor iedere wedstrijd voor baas en hond. Maar ook het werken met je hond, het wandelen in de natuur, het gezelschap van de greyhounds thuis en de liefde, die deze fijne vrienden je geven.

En om op de titel terug te komen: “dat is toch zielig, meneer” zeg ik volmondig nee. De greyhounds gaan zeer graag mee naar de baan. Als wij thuis de voorbereidingen treffen om naar de renbaan te vertrekken, zijn de honden niet te houden. Aan de tassen en het andere dagritme hebben ze al door, dat we naar de renbaan gaan. En wat lopen ze graag die ene wedstrijdrit! En erg leuk is het, als je trainingsarbeid wordt beloond met een klinkende overwinning. Het is overigens alleen de eer, die hier een rol speelt. Het prijzengeld is minimaal, zeker als je daar de kosten tegenover stelt.

Nee, zielig is het rennen met greyhounds geenszins. Wat wel zielig is, je hond thuis te laten liggen en er niets mee te doen. Een greyhound straalt energie en snelheid uit. Die energie wil hij kwijt. De rennen zijn daar een goed alternatief voor. En voor baas en hond kan het nog gezellig en spannend zijn tijdens zo’n wedstrijddag.

Greyhounds zijn functioneel en mooi gebouwde honden. Die functionaliteit blijft intact door de training en de races. Met honden die niet goed functioneren, wordt niet gefokt. Zo blijft de greyhound oersterk en gezond. Greyhounds hebben een lief en sociaal karakter. Ze zijn schoon en zeer zindelijk van zichzelf. Kortom: greyhounds zijn om van te houden!

Lang leve de greyhound, lang leve de greyhoundrensport.

Tot slot

Bent u geïnteresseerd geraakt in de greyhound en de greyhoundrensport en wilt u meer weten, neem dan contact op met de Nederlandse Greyhound Club, mevrouw Rita Zijlstra – Koster, Chopinlaan 11, 6881 PB Velp, tel.:026-3635588. E-mail: ritazijlstrakoster@chello.nl

Maar de Greyhoundclub heeft ook een mooie website met veel informatie en foto’s: www.nederlandsegreyhoundclub.nl

Tekst en foto’s: Cees van Arkel ( al meer dan 50 jaar elke dag met greyhounds in de weer ).

 

terug  top Laatste update